Politietolken en het auditief en audiovisueel registreren van verhoren


De Aanwijzing auditief en audiovisueel registreren van verhoren van aangevers, getuigen en verdachten (per 1-1-2013)

Per 1 januari 2013 is de Aanwijzing auditief en audiovisueel registreren van verhoren van aangevers, getuigen en verdachten (De aanwijzing) in werking getreden. Enkele opvallende punten:
  • De registratie (video/audio) wordt gestart vóór aanvang van het verhoor en voordat de te verhoren persoon de verhoorruimte betreedt;
  • Van elk geregistreerd verhoor wordt conform art. 152 Sv een proces-verbaal opgemaakt in de vorm van een samenvatting. Hierbij worden de belangrijke passages zo veel mogelijk in de woorden van de verhoorde persoon weergegeven;
  • Slechts in bijzondere situaties en op uitdrukkelijk verzoek van de OvJ/A-G of de R-C wordt het verhoor, of delen daarvan, in het proces-verbaal woordelijk uitgewerkt;
  • Het bekijken en/of beluisteren van de registraties van het verhoor door de verdachte en diens raadsman vindt plaats in een door de opsporingsinstantie aangewezen uitkijkruimte.
  • Uitgangspunt is dat aan de verdediging geen kopieën van registraties worden verstrekt;
  • Noch om redenen van privacy, die tijdens het verhoor dus niet in het geding zijn, noch om andere redenen is het noodzakelijk dat de verhoorde persoon toestemming verleent voor het auditief of audiovisueel registeren van het verhoor. Dit geldt ongeacht de hoedanigheid – verdachte, getuige of aangever – waarin de verhoorde persoon bij het delict betrokken is;
  • De opnamen zelf zijn in beginsel geen processtukken maar stukken van overtuiging en maken dus niet zonder meer deel uit van het procesdossier. Wel kunnen in opdracht van de OvJ, R-C of de zittingsrechter (delen van) opnamen deel gaan uitmaken van het procesdossier;
  • Het proces-verbaal van verhoor dient altijd zo spoedig mogelijk te worden opgemaakt.
Uitgangspunt blijft dus een zakelijke schriftelijke vastlegging van een verhoor in een proces-verbaal. Er vindt dus geen woordelijke uitwerking van geregistreerde verhoren plaats. Verder mag de advocaat in een meekijkruimte het verhoor volgen. Die verbanning is nog maximaal 3 jaar en daarna mag er een stoel bij in de verhoorkamer voor de advocaat. Verder zal er een intensieve training moeten plaatsvinden voor de verhoorders die gaan horen zonder ook direct de verklaring schriftelijk vast te leggen. Het vereist een grondige voorbereiding en zeer gestructureerd werken tijdens het verhoor om op deze wijze een compleet en begrijpelijk verhaal van de gehoorde auditief te registreren. Interrupties, door elkaar heen praten, 2 of drie vragen in één keer stellen, gesloten vragen, zijn zaken die in een auditief geregistreerd verhoor (maar daar niet alleen natuurlijk) veel problemen kunnen veroorzaken. Dat zal voor het horen van belangrijke verdachten wellicht nog wel goed gaan maar zeker voor het getuigenverhoor is dit een aandachtspunt. Het “cognitief getuigenverhoor” kan hieraan zeker een positieve bijdrage leveren.
Tot slot zal er dus (veel) geïnvesteerd moeten worden in de techniek. Verhoorkamers, regiekamers, meekijkkamers en uitkijkkamers met bijbehorende apparatuur zullen grote investeringen vragen. Daarnaast is er dan ook nog het beheer van al die opnames. Vanuit het oogpunt van kwaliteitsverbetering van het verhoor zijn al die registraties alleen maar toe te juichen. De wetenschap kan goed onderzoek doen naar nieuwe verhoormodellen en jezelf terugzien op video kan wellicht pijnlijk zijn maar ook leerzaam.
Bron: Gerard Overmars, How2Ask